“Mensen vonden dat prachtig.”
Anneke is al haar hele leven betrokken bij toneel. Haar liefde voor het vak begon al vroeg. “Ik denk dat ik door mijn vader het theater in ben gerold,” vertelt ze. “Hij was een hele goede toneelspeler en ook regisseur. Als kind zag ik hem vaak spelen.” In die tijd werden er vooral serieuze en dramatische stukken opgevoerd. Ze herinnert zich nog goed hoe indrukwekkend dat voor haar was, bijvoorbeeld toen haar vader in een stuk een piloot speelde die zijn arm verloor bij een vliegtuigongeluk. “Dat maakte veel indruk.”
Zelf begon ze in 1973 met toneelspelen. Inmiddels is ze 76 jaar en nog steeds actief. “Het leren van teksten gaat wat lastiger dan vroeger,” zegt ze lachend, “maar ik val nog regelmatig in als dat nodig is.” Ze speelde veel stukken in het Gronings, iets wat ze nog altijd het mooiste vindt. “Op z’n Grunnegs spelen, dat is toch het allermooiste.”
Door de jaren heen heeft ze talloze rollen gespeeld. Terwijl ze een fotoboek laat zien met foto’s uit de jaren tachtig en negentig, vertelt ze enthousiast over kostuums, pruiken en brillen die ze nog steeds bewaart. “Ik heb nog allemaal gekke brillen van jaren geleden.” De kleding voor toneel, hoeden, sleepjassen en andere attributen, alles wordt nu bij iemand anders opgeslagen, maar is beschikbaar voor iedereen die het nodig heeft. “Het is voor iedereen.”
Toneel zit in de familie. Ook haar zussen spelen en haar vader was jarenlang regisseur. “De regisseur zegt hoe je het moet doen en waar je moet staan.” Samen met haar zus speelde ze regelmatig in producties, soms zelfs in rollen waarin ze elkaars zinnen aanvulden. “Dat was heel leuk om te doen. ”Wat haar vooral aanspreekt in toneel is de vrolijkheid. “Ik heb nooit echt zware drama’s gespeeld. Meestal zijn het stukken die eindigen met een lach.” Volgens haar draait toneel niet alleen om de rol zelf, maar om de hele ervaring. “Je doet het samen, als groep. Het plezier met elkaar is minstens zo belangrijk.” Ze vertelt dat een toneelgroep alleen goed werkt als de sfeer klopt. “Soms past iemand niet helemaal in de groep. Dan merk je dat meteen.” Gelukkig is de huidige groep hecht en gezellig. Ze spelen niet alleen in Appingedam, maar ook in omliggende plaatsen zoals Holwierde, Delfzijl en Farmsum.
Een van de hoogtepunten uit haar toneelcarrière was een groots project in Appingedam: een vaartocht met meerdere grote vlotten rondom het centrum, dat als een eiland wordt omringd door het Damsterdiep. Het project heette “De Vliegende Hollander”. Drie jaar lang werd er een verhaal gespeeld op het water, met acteurs op de boten en figuranten langs de wal. “Dat vond ik een van de allerleukste dingen die we hebben gedaan.” Er werd veel Gronings gesproken, zeker als er veel lokale mensen op de boot zaten. “Mensen vonden dat prachtig.”
Toneel in Appingedam is in de loop der jaren wel veranderd. Vroeger waren er vier of vijf toneelclubs; nu is hun vereniging de enige die nog actief is. Ook het aantal podia is sterk afgenomen. Momenteel kunnen ze alleen nog spelen in een zaal van het welzijnsgebouw Cadanz, een oude school met een gymzaal waarin een podium staat. “Als dat gebouw verdwijnt, hebben we helemaal geen podium meer. Dat zou echt zonde zijn.” Toch blijft ze positief. De voorstellingen trekken nog steeds volle zalen en er is veel waardering vanuit het publiek.
Wat haar het meest blij maakt aan toneel? “Het is bijna altijd vrolijk. Je lacht veel, samen met elkaar en met het publiek.” Daarnaast waarderen mensen het dat er in het Gronings wordt gespeeld. “Die taal maakt het grappig. Bepaalde woorden klinken gewoon anders en dat geeft extra kleur.”
Nieuwe, jonge leden vinden is wel lastig. “Tegenwoordig werken bijna alle vrouwen en hebben mensen het druk met werk, gezin en andere verplichtingen. Dat geldt trouwens voor veel verenigingen.” Toch hoopt ze dat toneel blijft bestaan. “Het brengt mensen samen. En zolang het kan, blijf ik spelen.” Ook haar man vertelde me op het begin van ons gesprek; “ik ga wel even weg, kunnen jullie er rustig over hebben, ze speelt het liefst toneel, Altijd! Daar moet je op verdacht wezen”.



